Gletsjer in Chamonix
Gletsjer in Chamonix

Nergens zijn de Alpen in hun brute en niets ontziende kracht zo tastbaar en zo voelbaar aanwezig als op en rond de gletsjer die van de top van de Mont Blanc tot in Chamonix stroomt. De afdaling van die ‘Vallée Blanche’ is een klassieker voor ervaren skiërs die graag buiten de lijntjes kleuren. Met ontzag en lef doorploegen we het twintig kilometer lange traject, laverend tussen hongerige gletsjerspleten.

We moeten er niet onnozel over doen: er heerst een zekere nervositeit aan de voet van de kabelbaan van de Aiguille du Midi, in het centrum van Chamonix in de Franse Alpen. Het is tien voor acht ’s ochtends, spitsuur. Dit keer geen gewone skiërs die drummen om zo snel mogelijk naar 3800 meter hoogte te worden geschoten, maar wel stuk voor stuk stevige sportievelingen die gepakt en gezakt zijn alsof ze in één ruk de Mount Everest op willen. Zoveel ingesnoerde adrenaline geeft ons plastic benen. Wat staan wij, Laaglanders, hier tussen dat bergvolk te doen?

Om u tegen te zeggen

Patrice Richard is onze gids. Hij lijkt op een kruising van een Engelse lord en een uit getaand leer opgetrokken alpenboer. Of we elkaar zullen tutoyeren, vragen we, om – figuurlijk alvast – het ijs te breken. “Ben, je suis assez Français dans ces choses.” Vous dus. De leden van de selecte Compagnie des Guides de Chamonix-Mont Blanc staan op hun strepen. Strepen die ons veiligheid moeten geven. Wat opvalt: een gids zonder helm. “Een helm, dat is tegen meteorieten”, antwoordt de lord laconiek.

Met het stijgen van de meters ontdooit de berggids. Het is deze winter al de veertigste keer dat hij klanten meeneemt op die wereldberoemde daguitstap, de afdaling van de Vallée Blanche. Dat is een afdaling die vanop de Aiguille du Midi (3842 m), aan de zuidzijde van de 4810 meter hoge Mont Blanc, over gletsjergebied en door séraczones tot aan Montenvers (1913 m, bijna 2000 meter lager dus) loopt. Als er voldoende sneeuw ligt, kan je zelfs helemaal doorskiën tot in Chamonix (1000 m). Goed voor een hors piste-afdaling van goed twintig kilometer.

TD_Chamonix_060912 (12 van 93)

Smalle graat

Terwijl we op 3842 meter naar lucht happen en een koffie doorspoelen in de kleine bar die Laaglanders nog even in de waan wil laten dat ze in de bewoonbare wereld zijn, toont Patrice Richard ons de omliggende toppen. Niet alleen figuurlijk, maar jammer genoeg ook letterlijk een adembenemend decor. Liefde voor het hooggebergte dreef de Bourguignon Richard een halve eeuw geleden naar Chamonix. Nog steeds fonkelen zijn ogen als hij zoveel robuuste schoonheid mag aanschouwen en met zijn klanten kan delen.

TD_Chamonix_060912 (21 van 93)

Maar we moeten verder. Naar beneden. Een ijzig smalle sneeuwgraat blaft ons brutaal in het gezicht als we het korte toptunneltje buiten komen. Pas ’s avonds zullen we beseffen dat die allereerste meters van de Vallée Blanche meteen ook de moeilijkste zijn. We spannen ons in een touwgroep samen en dalen stapje voor stapje de graat af. Het is glad, en een vast touw moet ons enige houvast bieden. Zo’n honderd meter dieper plooit de graat zich terug en komen we op een plateau aan. De natuur heeft haar eerste selectie gemaakt. Wie hier geraakt is, mag verder.

Almaar naar beneden

De afdaling van die immense ijszee zelf is één brok puur genot. Genot dat uren duurt. We laveren langs de noordkant van de Gros Rognon, een van de vele indrukwekkende granieten rotstoppen die hier als kruimels achteloos door het Mont Blanc-massief gestrooid liggen. Hoe druk het een halfuur geleden nog was op de topgraat, zo rustig en zo stil is het hier nu op die onmetelijke ijsvlakte van de Glacier du Tacul.

TD_Chamonix_060912 (38 van 93)

We luisteren naar Richards woorden. Wat hij dan zo uniek vindt aan de Vallée Blanche? “Nergens anders kan je zo snel en zo makkelijk in een absoluut alpiene omgeving geraken. De afdaling is een mythische tocht door een onbeschrijflijk mooi bergdecor die je terugbrengt naar je beginpunt. Chamonix-Chamonix in goed vijf uur.” Of hij het na meer dan dertig jaar gidsen niet een beetje welletjes begint te vinden, vragen we hem terwijl we de eerste hoogtemeters over harde, ijzige sneeuw naar beneden glijden? “Elke keer is anders. Akkoord, dit is mijn job, maar ik heb de bergen nog geen twee keer op dezelfde manier gezien. Het blijft ook voor mij visueel smullen.” Wel geeft hij toe dat het begin van zo’n afdaling ook voor hem nog altijd stress biedt. “Ik weet nooit op voorhand welk vlees ik in de kuip heb. Na de eerste vijf bochten van mijn klanten kan ik eindelijk zelf beginnen genieten.”

Eten voor de ogen

Smullen met de ogen, is waar we aan proberen denken, terwijl we door stevige sneeuwbulten een veilige weg tussen huizenhoge séracs zoeken, diepe kloven die je tot in de niets ontziende maag van de honderden meters dikke gletsjers opslokken. Helaas zijn ze vaak met een flinterdun laagje sneeuw bedekt. Als een muizenval voor te veel risico nemende wintersporters. Enkele weken geleden nog verdween hier een Belgische snowboarder. We weten waarom we Richard hebben geboekt: wie met een gids de Vallée Blanche afdaalt, die koopt veiligheid, actieve en passieve zekerheid. Want hoe heerlijk die maaltijd voor de ogen ook moge zijn, basisrespect voor het hooggebergte is een minimum als je de volgende avond je avontuur bij een glas Aprémont wil navertellen. “We hebben die jongen nooit teruggevonden,” murmelt Richard. Zijn ogen verraden dat de natuur genadeloos kan zijn. Zalige schoonheid en hardvochtige strengheid gaan in de Alpen hand in hand.

Van dag tot dag

Het moeilijkste stuk van het traject, behendig laverend tussen gletsjerspleten en doorheen soms smalle couloirs skiënd, is achter de rug als we voor een lunch halt houden in de Refuge du Requin. Waardin Delphine Lantignac stilt er op 2516 meter hoogte de honger van honderden skiërs die de Witte Vallei afkomen. Ze zet een tartiflette voor onze neus, reblochon, aardappelen en spek, als stond er ons nog een helse afdaling te wachten. Het technische niveau van de afdaling schijnt mee te vallen. Patrice Richard schenkt ons glas wijn vol, en relativeert. “De moeilijkheidsgraad van deze lange afdaling kan van dag tot dag verschillen. Poedersneeuw of ijs? Koud of warm? Waait het? Hoe is de zichtbaarheid? Hoe ligt die graat aan de top? Welke van de zeven varianten kies je? Hoe dan ook, grosso modo mag je zeggen dat deze afdaling alleen haalbaar is voor wie vlot kan skiën op een zwarte piste en ook al wat eerste ervaringen opdeed buiten de piste.” Wie veiligheid wil, die moet marges inbouwen.

TD_Chamonix_060912 (56 van 93)

De laatste kilometers

Het is ongeveer 12 uur en bijzonder warm voor een maartse winterdag. De lucht kleurt zo donkerblauw dat je aan zwart denkt. We blijven onze ogen te eten geven als we onze ski’s aanklikken voor het tweede stuk van de afdaling van de Vallée Blanche. Het onderste deel van de afdaling loopt over de Mer de Glace. Een zee van ijs, zacht glooiend, makkelijk terrein. We kijken om ons heen en smullen van de laatste kilometers afdaling. Omdat er te weinig sneeuw ligt – het heeft al drie weken niet meer gesneeuwd – moeten we in Montenvers van de gletsjer. Honderden trappen brengen ons naar een oud kabelbaantje dat ons naar de tandradtrein voert die op zijn beurt terug naar Chamonix boemelt. In het dorp, op een terras naast het station, bestellen we een lokale pint. Een Blonde du Mont Blanc. Enkele kilometers hoger kijkt diezelfde Witte ons mompelend aan.

 

TD_Chamonix_060912 (90 van 93)

Klaar voor de Vallée Blanche

De beroemde Vallée Blanche in Chamonix is een offpiste skiroute van een zo’n 20 kilometer en 2700 negatieve hoogtemeters. De uitzichten zijn verbluffend. Als je vlotjes een zwarte piste afkomt, al wat basiservaring buiten de piste hebt en over een goede basisconditie beschikt, dan heeft de Vallée Blanche in normale omstandigheden in principe geen noemenswaardige moeilijkheden voor je in petto. Ben je niet zeker, ga dan eerst een dagje skiën in het gebied van de Grands Montets. Vanuit buurdorp Argentière brengt een kabelbaan je naar dit sportieve skigebied. De zwarte, niet geprepareerde Point de Vue-piste is volgens velen de beste graadmeter voor je technische kunnen. Kom je die zonder kleerscheuren af, dan ben je klaar voor de afdaling van die epische Witte.

TD_Chamonix_060912 (93 van 93)

Tekst: Aart De Zitter/Foto’s: Thomas De Boever

DELEN