interview Jeremy Jones beste big mountain rider klimaatverandering
Foto Jeremy Jones (c) O'Neill, Andrew Miller

De beste Big Mountain Rider aller tijden. Dat zijn geen lichte woorden: wie het wereldje kent, weet dat het dan over Jeremy Jones gaat. Snowboarder Magazine verkoos hem 10 keer tot ‘Best Big Mountain Rider of the year’, National Geographic bedacht hem met de title ‘Adventurer of the Year’. Zelfs president Obama gaf hem de titel ‘Champion of Change’ vanwege zijn inzet voor het milieu. Diezelfde Jeremy Jones lanceert nu zijn nieuwe filmproject, Ode to Muir, waarvoor we een halfuur met deze halfgod van gedachten mochten wisselen.

Tekst: Kurt Aerts

Als oprichter van Protect Our Winters vestigt Jeremy Jones al jarenlang de aandacht op de klimaatverandering. Zijn missie: de hele wintersportgemeenschap verenigen om iets aan het fenomeen te doen. Niet alleen president Obama was hiervan onder de indruk: sponsor O’Neill vroeg hem om ambassadeur te worden van de O’Neill Blue Ocean Mission. Maar Jones is zoveel meer dan een milieu-activist: voor mij zit de man die de Shangri-La Spine Wall afdaalde, een wand van zo’n 700 meter in de Himalaya. Wie de beelden nog niet zag, moet ze zeker ’s opzoeken. Wanneer we vragen hoe hij daar in godsnaam aan begonnen is, lacht hij: “Heel simpel: als kleine jongen word je verliefd op de sport en je gaat altijd op zoek naar nieuwe dingen. Elke dag wil je iets nieuws proberen. Constant evolueren. Dertig jaar later sta je dan op een spine wall in Nepal.” 

Jeremy Jones (c) O’Neill, Andrew Miller

Je hebt jezelf altijd uitgedaagd om extremere uitdagingen op te zoeken? 

Jones: “Ik wou vooral nieuwe dingen proberen, maar dat werden uiteindelijk wel extreme dingen. Maar het hoefde voor mij niet gevaarlijker te worden. Gevaar is nooit een drijfveer geweest. Maar het kwam wel om het hoekje kijken, natuurlijk.”

Toch sta je daar in de Himalaya op een plek waarvan je denkt: dit is haast onmogelijk. En je kan op zo’n moment, wanneer je daar halfweg bent, niet beslissen om terug te keren. 

Jones: “Die specifieke afdaling was wel bijzonder. Hoe meer ik afdaalde, hoe slechter de sneeuw werd. En daar kan je weinig aan doen. Ik had het omgekeerde verwacht. Daarom besloot ik af te remmen. Wanneer je erg technisch aan het snowboarden bent op grote hoogte, voel je je longen heel erg, veel meer dan bij hiken. Dus die specifieke afdaling ben ik heel traag naar beneden gegaan, inch per inch. Dat is niet mijn idee van een perfecte afdaling. Ik was er heel dicht bij in iets betere condities, maar er zat een rare sun crust op de bergwand: zo’n laag die opnieuw bevroren is nadat ze eerder ontdooid was. Maar het is belangrijk om vrede te nemen met de omstandigheden die de natuur je aanbiedt.

Jeremy Jones (c) O’Neill, Andrew Miller

Heb jij zoiets als een bucket list van plekken waar je nog ’s naartoe wilt? 

Jones: “Dat is het goeie en het slechte van snowboarden: ik heb een oneindige lijst. Elke keer wanneer ik op een berg sta en ik ‘m kan afvinken van m’n lijstje, zie ik weer tien andere bergflanken opduiken. Maar soms presenteren de kansen zichzelf. Ik forceer niks meer. Ik luister vooral naar m’n gevoel en ik zie wel waar dat me heen brengt.”

Jij bent al jaren een topper wanneer het over Big Mountain riding gaat. Onze Belgische topper, Seppe Smits, trainde veel en hard om wereldkampioen slopestyle te worden. 

Jones: “ (onderbreekt) Seppe is een fantastische snowboarder. Je mag er terecht trots op ijn!”

Dankjewel! Maar wat ik wou vragen: hoe ziet jouw dag of week er eigenlijk uit? Zit jij ook regelmatig in de fitness? 

Jones: “Ik probeer vooral fit te blijven door dingen te doen die ik heel graag doe. Rotsklimmen, mountainbiken, surfen, dat doe ik allemaal wel. In de herfst voeg ik er evenwichtsoefeningen aan toe, zoals koordlopen of oefeningen met fitballen. Tijdens de winter is het vooral snowboarden en recupereren. Ik kan gewoon niet stilzitten: ik wil altijd bezig zijn met wat ik graag doe, als het maar buiten is. Ik spendeer zo weinig mogelijk tijd in de fitnesszaal. Quasi geen. Omdat ik het op een andere manier invul.”

Hoe ga je met het mentale aspect om? Je bent toch steeds bezig met grote risico’s. 

Jones: “Wanneer het echt serieus wordt, kampeer ik idealiter in de bergen. Dan wil ik zo weinig mogelijk afleiding. Op een bepaald moment begin ik echt te ‘praten’ met de bergen. Er ontstaat een soort communicatie. Ik begrijp wanneer iets veilig is, of wanneer het dat niet is. Het vergt tijd om in die zone te komen, maar dat heb je nodig om die grote risico’s in te schatten. Daarom hou ik ervan om erop uit te trekken en te kamperen op de plaatsen waar ik wil afdalen.”

Zo blijf je in de juiste zone? 

Jones: “Dat is misschien het verschil tussen mij en een ‘big wave surfer’. Die reist de hele wereld rond op zoek naar die ene golf. Bij mij is het net andersom: ik probeer een gebied te doorgronden en de sneeuw te leren kennen. Als het me aanstaat, kan ik er makkelijk een maand mee bezig zijn om er dingen uit te proberen. Eerst makkelijke dingen en wanneer het weer ’s meezit, sta je voor je het weet bovenaan de grootste top van het gebied. Maar je mag die eerste stappen niet overslaan.”

Jeremy Jones (c) O’Neill, Andrew Miller

Je bent ook een echtgenoot en een vader. Word je dan voorzichtiger? 

Jones: “Een vrouw en kinderen hebben, heeft zeker invloed gehad. Dat, en het feit dat ik helaas vrienden verloren heb in de bergen. Ik heb gezien wat er gebeurt wanneer iemand nooit meer thuiskomt. Het voegt extra gewicht toe aan het maken van beslissingen. Maar het is niet zo simpel: de gevaarlijkste situaties heb ik meegemaakt op terrein dat niet zo moeilijk was. Terrein dat ik heel m’n leven zou kunnen doen. Maar berggebied is nu eenmaal steeds gevaarlijk. Wat ik wel merk, is dat ik steeds minder zin heb om risico’s te nemen wanneer er lawinegevaar is.”

Wat als jouw kinderen hetzelfde willen gaan doen als jou? 

Jones: “Ik hoop dat mijn kinderen gedreven worden door hun passies. Als ik mag kiezen, hoop ik dat ze andere passies hebben dan wat ik doe. Ik wil ze alles tonen en ik zal ze nooit tegenhouden, maar ik zal ze zeker niet in deze richting duwen.

Snowboarden was op een bepaald moment the next big thing, maar ondertussen hebben de freestyle skiërs het weer overgenomen. Hoe zie jij de nabije toekomst? 

Jeremy Jones (c) O’Neill, Andrew Miller

Jones: “De generatie snowboarders waar ik deel van uitmaak, was een heel sterke lichting dankzij de opkomst van de sport. Nu heeft die generatie zelf kinderen, dus er zijn een hoop jonge kereltjes tussen 6 en 12 die er zitten aan te komen. Ik verwacht heel wat van hen. Maar vergis je niet: ik hou ervan dat snowboarden een niche sport is. Groter is zeker niet beter. We zitten goed waar we zitten. Wie nu aan snowboarden doet, meent het. Het is een deel van wie ze zijn. De afvallers zijn de mensen die een paar dagen per jaar op een bord stonden. Niet dat ik iets tegen die mensen heb, maar de die-hards zijn er altijd geweest en zullen er altijd blijven.”

Jij gaf het freeriden een extra dimensie door nog extremere terreinen op te zoeken. Je zoekt zelfs terrein op dat met de helikopter niet te bereiken is. Denk je dat deze vorm aan populariteit zal winnen? 

Jones: “Mijn laatste twee films (Life of Glide en Ode to Muir) tonen een hele andere kant van snowboarden: het gaat niet over extreem terrein, maar over dingen die voor heel wat boarders bereikbaar zijn. Er zit een groter fungehalte in. In Ode to Muir vullen we gewoon onze rugzak met kampeergerief en trekken we de wildernis in. Dat kan je zowat overal doen waar er bergen zijn. De sneeuw is absoluut niet van de beste kwaliteit, maar je zal zien hoeveel plezier we hebben. Gewoon door de bergen trekken en wat snowboarden.”

Het lijkt me toch niet voor iedereen weggelegd? 

Jones: “Ik wil het einde van de film niet verklappen, maar er is niemand die bijna sterft in Ode to Muir (lacht). Er worden niet zoveel risico’s genomen, maar deze film toont wie ik ben als snowboarder. Hier ben ik de voorbije vier jaar mee bezig geweest. Waar ik het meest trots op ben, is dat je in de film ziet hoe gelukkig ik ben in de sneeuw en de bergen. Ik heb geen fantastische poederlaag nodig om me te amuseren. Dat zat trouwens ook al in mijn vorige film, Life of Glide. Daar kon je zien hoe ik me kon uitleven op geprepareerde pistes. Ik ben daar echt dankbaar voor dat ik daar nog van kan genieten.”

Jij zit niet dagenlang te wachten op de ideale omstandigheden? 

Jones: “Stel je voor hoe vaak je je miserabel zou voelen! Dan wordt het tijd om een nieuwe hobby te zoeken!” (lacht)

Ode to Muir bevat een belangrijke boodschap: jij bent als voorzitter van Protect Our Winters heel erg bezorgd over het klimaat. Als ik dan toch even de advocaat van de duivel mag spelen: we hebben net een fantastische winter achter de rug in Europa. 

Jones: “Wel, dan ben ik blij voor jullie! Maar je kan er niet omheen: omdat er één goeie winter tussenzit, kan je nog niet veralgemenen. Dat noemen we cherry-picking-science. Ik zou zo acht dingen kunnen opnoemen die in Europa aan de gang zijn die niet zo bemoedigend zijn. De wetenschap is glashelder over de klimaatopwarming: het ijs smelt, het zeeniveau stijgt en de temperaturen gaan omhoog. En het gaat zelfs sneller dan de wetenschappers hadden voorspeld. Ik zou zo gelukkig zijn indien er morgen een onderzoek verschijnt waarin men bewijst dat we klimaatopwarming hebben overschat, maar er komen weinig bemoedigende signalen. Integendeel: de laatste analyses tonen aan dat ze de ernst van de situatie zelfs onderschat hebben. Maar ik duim mee dat jullie weer een epische winter voor de deur hebben en dat die hele klimaatopwarming bullshit blijkt te zijn. (lacht) Maar vergis je niet: 15 van de laatste 16 winters wereldwijd staan geboekt als de warmste sinds we ze registreren, dus…”

Merk jij, als echte buitenmens, die gevolgen zelf? 

Jones: “Of je nu een klimmer, een visser, een surfer of een snowboarder bent: als je constant buiten bent, heb je gemerkt dat er veel veranderd is de voorbije tien jaar. De effecten vind je overal. Europa is een geweldig voorbeeld: jullie hadden inderdaad een fantastische winter, maar een goeie vriend van me is berggids in Chamonix. Daar kijken ze met lede ogen toe hoe de gletsjers smelten, hoe er steeds minder ijs op de noordkant van de bergen overblijft… Hun klimroutes zijn helemaal veranderd. Omdat het ijs verdwijnt, komen er ook meer rotsen naar beneden. De klassieke routes verdwijnen of worden te gevaarlijk om te klimmen. De voorbije zomer was op dat vlak ongelofelijk destructief, zelfs na die geweldige winter.”

Toenmalig president Obama gaf je de titel ‘Champion of Change’ voor jouw klimaatinspanningen. Helpt dat jou om deze boodschap te verspreiden? 

Jones: “Ach, er is veel veranderd sinds Obama. In het Witte Huis helpt het me tegenwoordig niet meer, nee. (lacht) Ach, het geeft je wat extra geloofwaardigheid, maar uiteindelijk betekent zo’n prijs van een paar jaar geleden niks voor mij. Wat we vandaag doen, of morgen, dat is waar onze focus ligt. Daar worden we op beoordeeld en dat hoort ook zo. Misschien deden we wat goeie dingen enkele jaren geleden, maar wat betekent dat vandaag? We moeten vooruit.”

Mijn allerlaatste vraag: waar ligt volgens jou de allerbeste sneeuw? 

Jones: “Ik ben helemaal niet zo veeleisend wanneer het over sneeuw gaat. Het gelukkigste ben ik wanneer er een grote sneeuwstorm langs mijn huis passeert, we volledig ingesneeuwd zijn en ik tussen de heuvels in mijn buurt kan snowboarden. Wat rondcruisen op mijn board en daarna terug naar mijn ingesneeuwde huis hiken, dat vind ik het zaligste wat er is.”

Ode to Muir zal op 27 november te downloaden zijn via iTunes, Amazon, Google Play, Xbox en Vimeo.

Hier alvast de trailer: