Val Gardena
Val Gardena, Merel van der Lande

Of je nu op de beroemde Sassolungopiste jouw snelheid wil meten aan die van de wereldkampioenen, of liever op een rustig tempo van hut naar hut toert, in Val Gardena kan het allebei. Ons advies: haast je langzaam.

“Bënunì te Gherdëina! Welkom in Val Gardena!”, roept Markus in het Ladin, de eigen Reto-Romaanse taal in het gebied. “Wat zijn jullie vroeg!” De elegant geklede en tot in de puntjes verzorgde (lees: glimmend dieppaars overhemd, beige puntschoenen en een ringbaardje) eigenaar van Hotel Alpin Garden in het Zuid-Tiroolse dorp Ortisei, had ons duidelijk nog niet verwacht. Maar niemand die het erg vindt om in de rieten loungestoelen op het zonnige terras met een goede Italiaanse cappuccino en uitzicht op de grillige Sassolungopiek te wachten tot de kamers klaar zijn. Het grote voordeel van de Italiaanse kant van de bergen is dat ze hier maar liefst 300 dagen (!) zon per jaar hebben. Haast om in actie te komen, hebben we dan ook niet. Maar na de lunch, hopelijk een voorbode voor het eten tijdens de rest van onze reis, verlaten we toch met enige moeite luilekkerland om het dorpje te verkennen en ons materiaal te huren.

Val Gardena
Merel van der Lande
Trouw aan tradities

Ortisei heeft iets exclusiefs. Het is stijlvol, verzorgd – Italiaans. Een dorp met mooie winkels, goede restaurants en zonnige terrasjes, waar je aan het einde van de middag een Aperol Spritz drinkt. Après-ski, zoals je dat in veel Franse en Oostenrijkse wintersportdorpen hebt, zal je hier niet vinden. Opvallend is het houtsnijwerk. Langs de kant van de weg staan enorme beelden en ook winkels verkopen allerhande houten frutsels. Je moet ervan houden, maar het houtsnijwerk heeft een lange traditie in Val Gardena. In de zeventiende eeuw begonnen enkele families tijdens de wintermaanden gereedschap, speelgoed en religieuze beelden uit hout te snijden. In de lente verkochten ze die op lokale markten. Het werd voor steeds meer mensen een belangrijke bron van inkomsten en aan het einde van de achttiende eeuw was het houtsnijwerk zelfs een wezenlijk deel van de regionale economie.

Bleke bergen

De volgende ochtend vertrekken we al om acht uur richting S. Cristina. Vandaag skiën we de Sella Ronda, een tocht van 26 kilometer (42 km inclusief liften) rondom het indrukwekkende Sellamassief. Er staat zo’n vijf à zes uur voor de ronde, die door vier verschillende valleien (Alta Badia, Val Gardena/Alpe di Siusi, Val di Fassa/Carezza en Arabba/Marmolada) en drie Italiaanse provincies (Zuid-Tirol, Trentino en Belluno) gaat. Je kunt de tour zowel met de klok mee (de oranje route) als tegen de klok in (de groene route) maken. Wij nemen de oranje route, die iets hoger en uitdagender is.

Zodra je de spiksplinternieuwe gondel uitstapt, begrijp je waarom de Dolomieten in 2009 tot UNESCO werelderfgoed zijn uitgeroepen. Een panoramafoto komt niet in de buurt van wat je met eigen ogen kunt zien. Wat een heerlijk vooruitzicht dat het bergmassief ons de rest van de dag, steeds vanuit een ander perspectief, zal blijven verrassen. De Dolomieten hebben als bijnaam de bleke bergen, vanwege de kleur van het gesteente. “Wacht maar tot de zon ondergaat”, zegt onze gids Günther, terwijl hij de eerste afdaling inzet. “Mochten we elkaar kwijtraken, altijd de oranje bordjes volgen!”

Val Gardena
Merel van der Lande
Meer zin in Val Gardena? Geniet dan hier van de foto’s.
Vijfbaanssnelwegen

De pistes zijn op veel plekken zo breed als vijfbaanssnelwegen en voor de gemiddelde skiër prima te doen. De sneeuw is niet te hard en niet te zacht en de zon – hoe kan het ook anders – schijnt volop. Onderweg zouden we om de paar kilometer kunnen stoppen bij alweer een leuke berghut. We stoppen slechts één keer, voor een kop koffie bij Mikey’s Grill in Arabba.

Lunchen doen we bij de kleinste berghut van de Dolomieten: Rifugio Fienile Monte, op de flank van de Col Rodello. Uitgerekend hier proef ik de lekkerste – én duurste (€ 32 per bord) – pasta die ik ooit heb gegeten: tagliatelle al tartufo, bestaande uit verse tagliatelle, witte truffel, een beetje zout, wat peper en olijfolie. Zo simpel kan het zijn. “In Val Gardena hebben we alles wat goed is aan Italië”, grijnst Günther.

Als we aan het einde van de middag in het verwarmde buitenbad van het hotel onze spieren ontspannen, heeft het Sellamassief nog een laatste verrassing in petto: door het licht van de ondergaande zon kleurt het gesteente van de Sassolungo dieprood. Een panorama dat nog lang in ons geheugen staat gegrift.

Val Gardena
Merel van der Lande
Records verbreken

Op de flanken van de Sassolungo (Langkofel, Saslonch) ligt de piste waar ieder jaar in december de FIS Worldcup voor mannen wordt gehouden. Tijd om eens te kijken of we een record kunnen verbreken (grapje natuurlijk). De piste, die begint op 2249 meter hoogte is slechts 3,4 kilometer lang, maar de eerste honderd meter zijn voor een gemiddelde skiër – of snowboarder in mijn geval – pittig. Binnen vijf meter ga ik al onderuit en dat moet je op zo’n steile piste niet doen. In volle vaart glijd ik op mijn rug naar beneden. Stoppen lukt pas als het iets minder stijl word en ik mijn board in de sneeuw kan zetten zonder over de kop te vliegen.

Ik moet eruitzien als een yeti, de verschrikkelijke sneeuwman, want als Günther bezorgd komt vragen of alles goed gaat, barst hij in lachen uit. De rest van de piste is gelukkig erg fijn, al moet ik, als we even later het bos induiken, nog wel een eekhoorn ontwijken die plotseling het pad oversteekt. In S. Cristina nemen we de ‘metro’ van Val Gardena – een ondergronds treintje – richting Seceda, een zonnig skigebied met veel kleine berghutten, gerund door families uit Val Gardena. We lunchen bij de Baita Daniel Hütte, die bekendstaat om zijn gevarieerde aanbod van eten en wijn uit de streek.

Jokertijd

Als afsluiter doen we mee aan de Spring Race Party, een skirace van Seceda naar Ortisei, die dit jaar voor de tweede keer gehouden wordt. De race vindt plaats op La Longia, een rode piste van 10,5 kilometer lang. Het is de langste piste van Val Gardena en een van de langste van de Dolomieten. Eigenlijk mag het geen race heten, want het gaat niet om de snelheid. De veertig teams gaan stuk voor stuk origineel verkleed de berg af. Bij vijf berghutten is een verplichte stop met lokale hapjes en drankjes, en moet een van de vijf teamleden een spelletje doen. De eerste doet een slalom, de tweede gaat darten, de derde moet spijkerpoepen, de vierde bijt appels uit een bak water en de vijfde speelt pitch & putt. De winnaar van de wedstrijd is het team dat de vooraf onbekende jokertijd (die blijkt achteraf 2 uur 28 minuten en 22 seconden te zijn) het dichtst benadert. De prijs is duizend euro, te besteden bij de plaatselijke horeca. Het is dan ook maar goed dat we niet winnen. We worden tiende, geen slechte score vinden we zelf.

De zuidelijke pistes zijn breed en zonnig en er zijn maar liefst zestien berghutten. Ideaal dus als je besluit een dag rustig aan te doen en te genieten van de zon en lokale specialiteiten. Wat dat betreft is skiën in Val Gardena heel dubbel. Er zijn zo veel prachtige pistes om te ontdekken, er is zo veel moois te zien en tegelijkertijd is er onderweg te veel lekkers om van te genieten. Daarom: “Festina lente”, haast je langzaam! Of ga gewoon nog eens terug.

1200 kilometer piste

Ortisei, St. Ulrich in het Duits, ligt tussen de beboste hellingen van de Raschötz en de bekende Seiseralm. Het is een van de drie dorpen in Val Gardena/Gröden en ligt op 1236 meter hoogte. De andere twee dorpen zijn het centraal gelegen S. Cristina/St. Christina (1428 m) en het levendige Selva/Wolkenstein (1563 m). Vanuit Ortisei gaan gondels naar de skigebieden Alpe di Sciusi/Seiseralm en Seceda, samen goed voor zo’n 175 kilometer aan pistes. Maar er is meer. Want met de Dolomiti Superskipas ligt het grootste skigebied ter wereld aan je voeten, met in totaal 1200 kilometer pistes. De pas kost € 220 voor 6 dagen (€ 154 voor kinderen tot 18 jaar en € 198 vanaf 65 jaar).

Eten en drinken

In alle skigebieden rond Val Gardena kun je uitstekend eten en drinken. Dit zijn de plekken die wij onderweg bezochten.

Val Gardena
Merel van der Lande

Spring Race Party 2017

Doe eens gek en neem met een groep van vijf vrienden deel aan de Spring Race Party. In 2017 wordt die gehouden op 18 maart. De kosten zijn € 125 per groep en vooraf inschrijven (verplicht) kan via www.valgardena.it.

Tekst & Foto’s: Merel van der Lande